Kennisbank
Techniekonderwijs op de basisschool: veelgestelde vragen
Hoe pak je techniekonderwijs op de basisschool aan? Hier vind je antwoorden op de vragen die leerkrachten, intern begeleiders, techniekcoördinatoren en directeuren ons het vaakst stellen: over wetenschap en technologie (W&T) en de kerndoelen, over technieklessen voor de basisschool zonder technische voorkennis, over differentiatie en kosten, en over hoe Techniek voor de Klas daarbij past.
Op deze pagina
- Wat is Techniek voor de Klas?
- Is techniekonderwijs verplicht op de basisschool?
- Hoe geef je techniekles zonder technische achtergrond?
- Wat is differentiatie op vijf niveaus?
- Is Techniek voor de Klas alleen techniek?
- Hoe combineer je techniek en burgerschap?
- Werken leerlingen ook aan digitale geletterdheid?
- Werkt techniekonderwijs ook in het speciaal (basis)onderwijs?
- Werkt het ook voor hoogbegaafde leerlingen?
- Is Techniek voor de Klas geschikt voor het voortgezet onderwijs?
- Wat zijn ontwerpprojecten?
- Wat zit er in de Coole TECH Box?
- Moet je vaak materiaal bijbestellen, of is het herbruikbaar?
- Wat kost techniekonderwijs met Techniek voor de Klas?
- Kun je Techniek voor de Klas betalen via het Jeugdeducatiefonds?
- Wat is het verschil met losse techniekleskisten?
- Welke vaardigheden leren kinderen met techniekonderwijs?
- Kun je Techniek voor de Klas gratis uitproberen?
Wat is Techniek voor de Klas?
Techniek voor de Klas is een compleet techniekprogramma voor het basisonderwijs (groep 1 tot en met 8) en de onderbouw van het voortgezet onderwijs. Het bestaat uit drie fysieke materiaalboxen (de Coole TECH Boxen) en een online lessendatabank. De lessen en opdrachten zijn opgebouwd op vijf niveaus, zodat leerlingen van verschillend niveau tegelijk met hetzelfde materiaal of onderwerp kunnen werken. Het programma is ontwikkeld door Anja Lutz en Mark Lutz, met een achtergrond in respectievelijk onderwijs en techniek, en is bedoeld voor leerkrachten zonder technische voorkennis. Techniek voor de Klas is een sociale onderneming zonder winstoogmerk en onderdeel van KIDSPIRE. Lees de complete gids over techniekonderwijs op de basisschool.
Is techniekonderwijs verplicht op de basisschool?
Er is geen apart vak techniek met een vast aantal uren. Wel horen techniek en technologie bij de kerndoelen van het basisonderwijs, binnen het leergebied Oriëntatie op jezelf en de wereld. Scholen werken daar dus aan, maar bepalen zelf hoe en hoeveel tijd ze eraan besteden. Met techniekonderwijs werkt een school onder andere aan kerndoel 42 (onderzoek doen aan materialen en natuurkundige verschijnselen zoals licht, geluid, elektriciteit, kracht, magnetisme en temperatuur), kerndoel 44 (relaties leggen tussen werking, vorm en materiaalgebruik van producten) en kerndoel 45 (oplossingen voor technische problemen ontwerpen, uitvoeren en evalueren). Meer achtergrond vind je bij SLO over wetenschap en technologie op de basisschool.
Hoe geef je techniekles zonder technische achtergrond?
Met kant-en-klaar lesmateriaal hoef je als leerkracht geen technische kennis te hebben. Bij Techniek voor de Klas staat elke les klaar: het materiaal zit in de box, de leerkrachthandleiding bevat leerdoelen en begeleidende vragen, en uitlegfilmpjes nemen de technische uitleg over. De opdrachtkaarten in de midden- en bovenbouwbox zijn zo gemaakt dat leerlingen er zelfstandig mee kunnen werken. Een leerkracht kan daardoor binnen tien minuten starten en hoeft de les niet voor te bereiden. Lees hoe een les met Techniek voor de Klas verloopt.
Wat is differentiatie op vijf niveaus?
Differentiatie op vijf niveaus betekent dat de opdrachten zijn opgebouwd op vijf niveaus, aangegeven met 1 tot 5 lampjes, die oplopen in moeilijkheid en zelfstandigheid. Bij 1 lampje bouwt een kind na of onderzoekt het samen met de leerkracht, bij 2 lampjes test het en zoekt het uit wat er misgaat, bij 3 lampjes werkt het zelfstandig met voorwaarden, bij 4 lampjes past het kennis toe en onderzoekt het wat een verandering doet, en bij 5 lampjes ontwerpt het zelf een oplossing of geeft het een onderbouwd advies. Een voorbeeld: bij de Flipbot bouwt een kind op 1 lampje de auto na volgens het voorbeeld, en ontwerpt het op 5 lampjes een eigen voertuig dat kan flippen. Als indicatie lopen de niveaus van groep 1-2 tot de onderbouw van het voortgezet onderwijs, maar het gaat om het niveau van het kind: een sterke leerling kan hoger instappen, een leerling die meer houvast nodig heeft lager. Bekijk de leerlijn met voorbeelden of lees hoe de vijf niveaus in de klas werken.
Is Techniek voor de Klas alleen techniek?
Nee. Techniek is de kapstok, maar leerlingen werken tegelijk aan digitale geletterdheid, burgerschap, sociale vaardigheden, creatieve vorming en beroepsoriëntatie. Ze mailen, verwerken hun werk in een presentatie, tabel, filmpje of blog, ontwerpen oplossingen voor echte maatschappelijke vragen en laten zich inspireren door architecten en kunstenaars. Lees meer over techniek en digitale geletterdheid, techniek en burgerschap, sociaal-emotionele ontwikkeling en techniek en creatieve vorming.
Hoe combineer je techniek en burgerschap?
Door leerlingen techniek te laten inzetten voor een maatschappelijke vraag. In de Breinkraker Boodschappen doen in een rolstoel ontwerpen leerlingen een oplossing waarmee Esther zelfstandig haar boodschappen kan meenemen. In Opa Jan voelt zich eenzaam bedenken ze een makkelijk te gebruiken oplossing tegen eenzaamheid bij ouderen. Zo leren kinderen zich verplaatsen in een ander. Techniek voor de Klas draagt daarmee bij aan onderdelen van de burgerschapsopdracht van de school.
Werken leerlingen ook aan digitale geletterdheid?
Ja. Leerlingen versturen e-mails, maken een eigen cv, ontwerpen flyers en presentaties in Canva, zoeken informatie op en verwerken hun werk bijvoorbeeld in een PowerPoint, tabel, filmpje of blog. In projecten als AI, Robotica en Stopmotion staat technologie zelf centraal. Lees ook hoe leerlingen verantwoord leren werken met AI en ChatGPT. Techniek voor de Klas werkt zo aan onderdelen van digitale geletterdheid, zonder dat het een losse computerles wordt.
Werkt techniekonderwijs ook in het speciaal (basis)onderwijs?
Ja. Techniek voor de Klas wordt gebruikt in het SBO en SO. Doordat de opdrachten op vijf niveaus zijn opgebouwd, kunnen ook leerlingen met een lager leerniveau of een grote behoefte aan structuur meedoen. De voorspelbare opbouw van elke les geeft rust, en leerlingen werken zelfstandig of in kleine groepjes, vaak onder begeleiding van een onderwijsassistent. Lees meer op de pagina Techniekonderwijs voor SBO en SO.
Werkt het ook voor hoogbegaafde leerlingen?
Ja. Opdrachten met 4 en 5 lampjes zijn open ontwerp- en onderzoeksopdrachten zonder vast antwoord, waardoor er geen plafond aan de uitdaging zit. Daarnaast bevat de online databank Breinkrakers: echte probleemstellingen waarbij leerlingen zelf een oplossing ontwerpen, bouwen en testen, met bij elke opdracht een extra uitdaging voor de echte uitdager. Dit past zowel in de reguliere klas als in de plusklas, en kan dienen als invulling van compacten en verrijken. Lees meer op de pagina Techniek voor hoogbegaafde leerlingen en de plusklas.
Is Techniek voor de Klas geschikt voor het voortgezet onderwijs?
Ja, voor de onderbouw van het VO. De Breinkrakers, projecten en ontwerpprojecten zijn ideaal voor de brugklas en de tweede klas. Leerlingen werken aan echte vraagstukken, zoals een wervingscampagne voor installateurs van zonnepanelen. In projecten als Stopmotion en Robotica staat een apart deel met opdrachten voor het VO, en in ontwerpprojecten als Marskolonie en Camping krijgen VO-leerlingen extra eisen zoals werken op schaal, een budget of een risicoanalyse. VO-scholen werken vooral met de online databank, voor dezelfde prijs als basisscholen, en kunnen daar de bovenbouwbox bij nemen. Lees meer op de pagina Techniek in de onderbouw van het voortgezet onderwijs.
Wat zijn ontwerpprojecten?
In een ontwerpproject werkt de hele groep aan één ontwerp dat stap voor stap wordt aangepast aan nieuwe problemen. In het ontwerpproject Camping ontwerpen leerlingen bijvoorbeeld een camping aan een meer, en krijgen ze daarna te maken met uitbreiding naast een natuurgebied, geluidsklachten, de bereikbaarheid voor de brandweer, noodweer en een watertekort. Jongere leerlingen krijgen de situaties voorgelezen en bouwen en tekenen vooral, oudere en sterke leerlingen krijgen extra eisen zoals werken op schaal, een budget of een risicoanalyse. Een hulpkaart helpt leerlingen die vastlopen, en met een keuringsrapport wordt het eindontwerp beoordeeld. Je kunt het ontwerpproject Camping gratis downloaden, of lees meer over hoe ontwerpprojecten werken.
Wat zit er in de Coole TECH Box?
Er zijn drie Coole TECH Boxen, één per bouw: onderbouw (groep 1 tot en met 3), middenbouw (groep 4 tot en met 6) en bovenbouw (groep 7 en 8). Elke box bevat 12 zorgvuldig gekozen spelmaterialen en een handleiding voor de leerkracht met per materiaal uitleg, achtergrondinformatie en extra uitdagende opdrachten. In de midden- en bovenbouwbox zitten ook opdracht- en uitlegkaarten voor de leerlingen. De bovenbouwbox is ook geschikt voor de onderbouw van het voortgezet onderwijs. De boxen worden eigendom van de school en gaan vele jaren mee.
Moet je vaak materiaal bijbestellen, of is het herbruikbaar?
De Coole TECH Box bevat geen verbruiksmateriaal dat opraakt en steeds opnieuw aangeschaft moet worden. Het zijn allemaal duurzame spelmaterialen die je elk schooljaar opnieuw gebruikt: je werkt ermee met de ene groep, ruimt ze op en zet ze de volgende keer en het volgende jaar gewoon weer in. Je hoeft dus niets bij te bestellen en dat houdt de kosten na de aanschaf laag. Iets wat veel scholen prettig vinden, zeker als ze eerder met methodes werkten waarbij telkens nieuw verbruiksmateriaal nodig was.
Wat kost techniekonderwijs met Techniek voor de Klas?
Basisscholen starten meestal met het combinatiepakket, dat alle drie de Coole TECH Boxen en het eerste jaar toegang tot de online databank bevat. Daarna verlengt de school alleen de toegang tot de databank, voor 1.125 euro per locatie per jaar (omgerekend 93,75 euro per maand). Dit is een vaste prijs per school, ongeacht het aantal leerlingen of groepen. Bij een school met 200 leerlingen komt dat neer op ongeveer 5,60 euro per leerling per jaar. De pakketten kunnen ook in twaalf maandelijkse termijnen worden betaald. VO-scholen betalen dezelfde prijs voor de databank en kunnen daar de bovenbouwbox bij nemen.
Kun je Techniek voor de Klas betalen via het Jeugdeducatiefonds?
Ja, als basisschool. KIDSPIRE, de sociale onderneming waar Techniek voor de Klas onder valt, is Klasgenoot van het Jeugdeducatiefonds. Is jouw basisschool aangesloten bij het Jeugdeducatiefonds? Dan kun je Techniek voor de Klas bestellen vanuit het budget dat het fonds voor jouw school heeft gereserveerd. Je vindt ons in het aanbod op de site van het Jeugdeducatiefonds onder de naam KIDSPIRE. Het Jeugdeducatiefonds is er niet voor het voortgezet onderwijs. Heb je vragen over de aanvraag? Neem gerust contact met ons op, dan denken we met je mee.
Wat is het verschil met losse techniekleskisten?
Losse leskisten bevatten vaak materiaal voor één thema of één niveau. Techniek voor de Klas combineert fysiek materiaal met een online lessendatabank, en de opdrachten zijn opgebouwd op vijf niveaus voor de hele basisschool. Daardoor is het geen losse activiteit, maar een doorlopende leerlijn van groep 1 tot en met 8, waarmee een school structureel werkt aan de kerndoelen voor wetenschap en technologie. De leerkracht hoeft niets voor te bereiden en geen technische kennis te hebben.
Welke vaardigheden leren kinderen met techniekonderwijs?
Naast technische kennis ontwikkelen leerlingen probleemoplossend denken, samenwerken, doorzettingsvermogen en executieve functies. Door opdrachten te ontwerpen, te testen en te verbeteren oefenen ze met een onderzoekende houding en een groeimindset: leren dat een eerste poging mag mislukken en dat verbeteren onderdeel is van het proces. Ze schetsen en vormgeven hun ideeën en laten zien wat ze gemaakt hebben. Voor veel leerlingen draagt techniek ook bij aan zelfvertrouwen en het ontdekken van talent.
Kun je Techniek voor de Klas gratis uitproberen?
Ja. Er is een gratis voorproefje beschikbaar dat je zonder formulieren of verplichtingen kunt bekijken en downloaden via de pagina Probeer het gratis, met tien lessen en het complete ontwerpproject Camping. Scholen kunnen ook een vrijblijvende kennismaking of demonstratie aanvragen via de contactpagina.
Meer weten over techniekonderwijs op jouw school?
Bekijk een gratis voorproefje of plan een vrijblijvende kennismaking.