Voor groep 5 en 6

Techniek in groep 5 en 6

In groep 5 en 6 gaan kinderen echt ontwerpen. Hun oplossing moet aan voorwaarden voldoen, en ze leren schetsen, testen en hun keuzes presenteren.

Hoe ziet techniekonderwijs eruit in groep 5 en 6?

Kinderen krijgen een probleem met voorwaarden en bedenken zelf een oplossing die daaraan voldoet. Ze maken eerst een schets, bouwen een prototype, testen of het werkt en verbeteren het. Zo leren ze de stappen van het ontwerpproces kennen.

In deze groepen komen andere vaardigheden steeds vaker aan bod: meten en rekenen bij het ontwerpen, informatie opzoeken, een presentatie maken en samen beslissen welk idee het beste is.

Welke box en welk niveau passen bij groep 5 en 6?

De middenbouwbox (groep 4 tot en met 6), met als indicatie 3 lampjes. Bij Spektro bouwen leerlingen dan bijvoorbeeld een serie- en een parallelschakeling en vergelijken ze wat er gebeurt. Sterke leerlingen werken bij 4 of 5 lampjes: ze kiezen een apparaat in school en bouwen de bijpassende stroomkring, of ontwerpen een eigen stroomkring en leggen precies uit hoe de stroom loopt. Leerlingen die meer houvast nodig hebben, werken bij 2 lampjes: uitproberen, testen en ontdekken wat er misgaat.

Welke opdrachten passen goed bij groep 5 en 6?

Naast de box zijn de Breinkrakers uit de online databank een goede aanvulling. Dat zijn echte ontwerpvragen met een vast stappenplan: ideeën bedenken, schetsen, een prototype bouwen, testen, verbeteren en presenteren. Kies een Breinkraker die past bij het niveau van je groep, en zet hem klassikaal, in groepjes of als verrijking in.

Lees meer over de doorlopende leerlijn, of bekijk groep 3 en 4 en groep 7 en 8.

Zelf zien hoe het werkt?